Het komt vaak voor: de een heeft de zaak opgezet, de ander werkt al jaren mee, en op een dag wil de eerste stoppen of iets anders gaan doen. Dan lijkt het simpel om de eenmanszaak "over te zetten". Dat kan niet, en fiscaal is het ook geen kleinigheid: de Belastingdienst ziet een overdracht, ook binnen één huishouden, en wil in principe afrekenen over alles wat de zaak meer waard is dan er in de boeken staat.
Dit artikel legt uit wat er wél kan, in welke volgorde, en wanneer je beter eerst samen in een vof gaat.
Wat er juridisch gebeurt
Een eenmanszaak is geen ding dat je kunt overdragen; het is jij, handelend onder een naam. Je partner begint dus een eigen onderneming die de jouwe voortzet: een nieuwe eenmanszaak op zijn of haar naam, met een nieuw KVK-nummer en een nieuw btw-nummer, of een vof waarin jullie samen zitten. Wat overgaat, is de onderneming zelf: handelsnaam, inventaris, voorraad, klanten, contracten, vergunningen op naam (die opnieuw aangevraagd moeten worden) en het personeel, dat bij een overgang van onderneming met alle rechten meegaat.
Praktisch komt daar bij: het huurcontract van het pand (bij winkel- of horecaruimte via indeplaatsstelling, of met instemming van de verhuurder), de zakelijke rekening en eventuele leningen (de bank moet akkoord gaan met een nieuwe schuldenaar), verzekeringen, abonnementen en de webshop of het kassasysteem. Over de overdracht zelf betaal je geen btw, omdat een onderneming overgaat die wordt voortgezet.
Fiscaal: twee wegen
Staken en afrekenen
Draag je de zaak over zonder bijzondere regeling, dan staak je je onderneming. Je berekent de stakingswinst: het verschil tussen de werkelijke waarde van de zaak (inclusief goodwill en de stille reserves in inventaris en pand) en de boekwaarde. Daarover betaal je inkomstenbelasting in box 1, na de stakingsaftrek en de mkb-winstvrijstelling, en met de mogelijkheid het bedrag in een lijfrente te storten en de belasting uit te stellen. Je partner start met de werkelijke waarde als boekwaarde en schrijft daarover af.
Belangrijk: dit geldt ook als je partner niets of weinig betaalt. De Belastingdienst gaat uit van de waarde in het economische verkeer, niet van het bedrag dat tussen jullie is afgesproken. "Voor niets overdragen" is fiscaal dus niet gratis.
Doorschuiven zonder afrekening
De doorschuifregeling voor overdracht aan een medeondernemer of werknemer laat de afrekening achterwege: jij betaalt nu geen belasting over de stakingswinst, je partner neemt jouw boekwaarden over en betaalt later, via lagere afschrijvingen en een hogere stakingswinst bij een volgende overdracht. Jullie vragen het samen aan bij jouw aangifte over het jaar van overdracht.
De voorwaarde is de 36-maandeneis: je partner moet in de 36 maanden direct vóór de overdracht onafgebroken medeondernemer in de zaak zijn geweest (bijvoorbeeld als vennoot in een vof) of werknemer in loondienst van de onderneming. Perioden als werknemer en als medeondernemer die direct op elkaar volgen, mogen worden opgeteld. Een partner die "meewerkt" zonder arbeidsovereenkomst en zonder vennootschap, telt niet mee. Bij arbeidsongeschiktheid of faillissement kan de termijn worden verkort.
De vof als tussenstap
Werkt je partner al mee zonder contract, dan is de snelste route naar de doorschuifregeling een vof. Je zet de eenmanszaak om in een vennootschap onder firma met je partner (geen notaris nodig, wel een vof-contract en een nieuwe inschrijving bij KVK), en na 36 maanden als vennoot kun je jouw aandeel doorschuiven. Tussentijds zijn jullie allebei ondernemer voor de inkomstenbelasting, met ieder recht op de ondernemersaftrek als je het urencriterium van 1.225 uur per jaar haalt.
Let op de keerzijde. Bij een vof tussen partners (de man-vrouwfirma, die voor alle echtparen en geregistreerde partners geldt) zijn jullie allebei met je privévermogen aansprakelijk voor de schulden van de zaak, en huwelijkse voorwaarden beschermen daar niet tegen. Wie de zaak juist in één hand wil houden om het gezinsvermogen te beschermen, kiest eerder voor een arbeidsovereenkomst: je partner in loondienst, ook 36 maanden, en dan doorschuiven.
Getrouwd in gemeenschap van goederen
Ben je vóór 2018 getrouwd zonder huwelijkse voorwaarden, dan valt de onderneming in de gemeenschap van goederen en is de zaak in economische zin al van jullie samen. Ben je na 2018 getrouwd, dan geldt de beperkte gemeenschap: een zaak die je vóór het huwelijk begon blijft van jou, een zaak die je erna begon valt in de gemeenschap. Fiscaal verandert dat niets aan de overdracht: de ondernemer is degene die de onderneming drijft, en als die persoon wisselt, is er een overdracht met alles wat hierboven staat. Wel maakt het uit voor de vraag of er een koopsom tussen jullie moet worden betaald; bij een gemeenschap is dat vaak een verrekening op papier.
Bij een scheiding of overlijden bestaat een aparte doorschuiffaciliteit: zet je partner de onderneming voort, dan hoeft er niet te worden afgerekend over de stakingswinst en gaat hij of zij verder met dezelfde boekwaarden. Ook dat vraagt om een adviseur, zeker als er een pand of een lening in de zaak zit.
Rekenvoorbeeld
Fietsenwinkel, overdracht aan de meewerkende partner
Genormaliseerde winst 55.000 euro, goodwill en stille reserves samen 90.000 euro. Twee routes, bedragen ter illustratie; het tarief hangt af van je overige inkomen.
- Route 1: staken. Stakingswinst
- € 90.000
- Af: stakingsaftrek en mkb-winstvrijstelling
- − € 14.600
- Inkomstenbelasting over 75.400 euro, grofweg
- € 30.000
- Route 2: doorschuiven na 36 maanden vof. Belasting nu
- € 0
- Gebruikelijke verrekening in de prijs bij doorschuiven
- − € 15.000
- Verschil in belasting op het moment van overdracht
- € 30.000
Goodwill 70.000 plus stille reserve in inventaris 20.000.
Stakingsaftrek 3.630 euro, daarna de mkb-winstvrijstelling over het restant.
Afhankelijk van je overige inkomen in dat jaar; met een lijfrente uit te stellen. Je partner start met 90.000 euro extra boekwaarde en schrijft daarover af.
Je partner neemt jouw boekwaarden over; de claim van grofweg 30.000 euro schuift mee en komt terug bij een latere verkoop.
Vaak de helft van de latente claim; tussen partners is dit meestal een papieren verrekening.
Doorschuiven bespaart nu, maar vraagt drie jaar voorbereiding als vennoot of werknemer. Wie eerder wil overdragen, betaalt via route 1.
Wat je regelt, in volgorde
- Bespreek met je belastingadviseur welke route past en wanneer: nu staken, of eerst 36 maanden vof of loondienst en dan doorschuiven.
- Maak een vof-contract of een arbeidsovereenkomst voor je partner, en leg vast wat er gebeurt bij ziekte, scheiding en overlijden.
- Bepaal de waarde van de zaak, ook al betaal je elkaar niets; de Belastingdienst rekent ermee. Lees waardebepaling van een bedrijf.
- Regel de overdracht: KVK-inschrijving van je partner of de vof, jouw uitschrijving, btw-nummer, huurcontract, bank, vergunningen, verzekeringen, personeel informeren.
- Vraag bij de aangifte over het jaar van overdracht samen de doorschuifregeling aan, of verwerk de stakingswinst en overweeg een lijfrente.
Wat er bij een overdracht aan een kind of aan personeel anders is, staat in je bedrijf overdragen aan je kind of aan personeel; wat je bij een gewone verkoop aan belasting betaalt, in belasting bij de verkoop van je bedrijf.
